Omgang met bewaartermijnen

Omgang met bewaartermijnen

De laatste tijd zijn bij de KCC diverse vragen binnengekomen over het onderwerp ‘bewaartermijnen’. In deze notitie wordt hier op ingegaan en worden enkele praktische tips gegeven. Paragraaf 4.9.2 van ISO 20252:2019 schrijft voor dat van elk onderzoeksproject de primaire bestanden 12 maanden bewaard moeten worden en alle overige onderzoeksdocumenten 24 maanden bewaard moeten worden. Tevens wordt aangegeven dat opdrachtgever en bureau desgewenst gezamenlijk andere bewaartermijnen kunnen overeenkomen. Voor de goede orde, onder ‘primaire bestanden’ wordt verstaan: ‘ruwe data inclusief ongeschoonde ingevulde vragenlijsten, opnames van kwalitatief onderzoek en overige, soortgelijke bestanden’.

Dit is een harde ISO-eis. In de praktijk blijkt deze eis echter niet of nauwelijks gevolgd te worden, zeker niet als het om de ‘overige onderzoeksdocumenten’ gaat. Heel begrijpelijk, gezien het feit dat bij nieuwe onderzoekprojecten vaak teruggegrepen wordt op eerder gehouden onderzoeken. Bovendien verwachten veel opdrachtgevers dat hun bureau een soort archieffunctie heeft met betrekking tot eerder gehouden onderzoeken.Echter, over een aanpassing van de in ISO 20252 genoemde termijnen worden zelden afspraken gemaakt tussen bureau en opdrachtgever. Over dit onderwerp staat evenmin iets vermeld in de MOA Leveringsvoorwaarden die veel bureaus hanteren. Dat betekent dat bureaus in die gevallen formeel verplicht zijn om de genoemde bestanden en documenten te vernietigen na 12 resp. 24 maanden. Wat betreft de vernietiging van data en documenten moet ook vastgesteld worden dat bureaus daar in de meeste gevallen ruimer mee omgaan dan ISO voorschrijft. Slechts zelden worden data van een bepaald project precies na 12 maanden vernietigd. Als al vernietigd wordt, want in tegenstelling tot de vroegere papieren opslag van documenten vergt digitale opslag geen fysieke ruimte, dus niemand heeft veel ‘last’ van al die opgeslagen data en documenten. De KCC adviseert de ISO gecertificeerde bureaus om standaard in hun offerte aan te geven hoe lang primaire en overige data worden bewaard. Het meest praktisch is het om daarbij het begrip ‘tenminste’ te hanteren. Bij het vaststellen van de termijn is men niet gebonden aan de ISO eis van 12 resp. 24 maanden, het mag ook langer (of korter, al zal dat zelden gebeuren). Als de opdrachtgever de offerte goedkeurt, heeft hij daarmee ook die door het bureau aangegeven bewaartermijn goedgekeurd, waardoor voldaan wordt aan het gestelde in ISO-paragraaf 4.9.2. Wenst de opdrachtgever een andere bewaartermijn dan moet hij dat melden op het moment van goedkeuring van de offerte. De te hanteren zinsnede zou dan kunnen zijn: ‘Bureau X bewaart de primaire data en andere op dit project betrekking hebbende documenten gedurende een periode van tenminste x maanden’.Dit geeft het bureau de mogelijkheid om precies na x maanden over te gaan tot vernietiging, maar het maakt het ook mogelijk om de data en/of de documenten langer te bewaren zonder daarvoor de opdrachtgever om toestemming te moeten vragen. Toestemming voor latere vernietiging dan na x maanden is met deze zinsnede eveneens verkregen, al kan het bureau er voor kiezen om nog eens contact met de opdrachtgever op te nemen op het moment dat men de data en documenten van een project van die opdrachtgever daadwerkelijk wil gaan vernietigen. Uiteraard is het hierbij wel belangrijk dat het bureau zorg draagt voor ‘veilige bewaring’ van de data en documenten zoals omschreven in ISO-paragraaf 4.9.4. Zolang het bureau de data en andere documenten onder haar beheer heeft, blijft het daar ook volledig verantwoordelijk voor. Verder is het verstandig om intern iemand aan te wijzen die het beheer over oudere opgeslagen data en documenten heeft: het is mogelijk dat de projectleider van een project van10 jaar geleden inmiddels vertrokken is. In dat geval moet ook bij zijn projecten duidelijk zijn wie na zijn vertrek over de toegang tot zijn projectdata beslist.

Wilt u meer informatie of een afspraak maken met Stichting Toetsingsbureau KCC? Klik dan hier

Lees verder

Logo Lid van MOA

Speciaal voor onze leden hebben wij een aantal jaren geleden het ‘Lid van MOA’ logo ontwikkeld, geschikt voor websites en drukwerk. Met dit logo laat je (als bedrijf zien) dat je aangesloten bent bij de MOA en de gedragsregels van het vakgebied naleeft. Gebruik je het speciale logo nog niet of gebruik je een oude variant met Center for Marketing Insights - Research - Analytics? Download dan via onderstaande link het (juiste) logo.

Er is een jpg versie beschikbaar voor op websites en in mailings en een eps versie voor briefpapier en overig drukwerk. Wilt u een versie met witte letters, vraag het aan via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. 

MOA Logo Fairdata Lid kleur500 062018

Laat zien dat je MOA-lid bent en toon naar je stakeholders dat je een professional bent door je aansluiting bij de MOA!

Omzet reclamewezen en marktonderzoek nipt in de plus

In het vierde kwartaal hebben reclame- en marktonderzoekbureaus meer omgezet dan in dezelfde periode een jaar eerder. Een minimale omzetstijging (0,1 procent) volgde op 2,5 jaar met dalende omzetten. Vooral de omzetstijging van 0,3 procent in het reclamewezen droeg hieraan bij. De omzetten van markt- en opiniebureaus dalen al sinds eind 2011. In het vierde kwartaal van 2013 kromp de omzet met 0,5 procent.

Over heel 2013 is de omzet in het reclamewezen en marktonderzoek met 3,6 procent gedaald. Het reclamewezen deed het met een omzetdaling van 4,1 procent een stuk slechter dan de markt- en opiniebureaus (–1,9 procent).

Forse toename faillissementen

In het vierde kwartaal van 2013 zijn 52 reclame- en marktonderzoekbureaus failliet gegaan, een toename van bijna 11 procent. Het aantal faillissementen was in 2013 een stuk hoger dan de voorgaande jaren. De afgelopen vijf jaar gingen er per kwartaal gemiddeld 40 bedrijven failliet. Alleen in 2009 zijn per kwartaal meer faillissementen uitgesproken.

In heel 2013 zijn 174 faillissementen uitgesproken, 10 procent meer dan in 2012, en naar verhouding meer markt- en opinieonderzoekbureaus dan reclamebureaus.

Positievere verwachtingen

Over het eerste kwartaal van 2014 zijn de ondernemers in de reclamebranche iets positiever. Tien procent van de ondernemers verwacht dat het economisch klimaat zal verbeteren. De afgelopen jaren waren de verwachtingen hierover negatief. De ondernemers zijn nog altijd negatief over het personeelsbestand. Ze verwachten dat de personeelssterkte in het eerste kwartaal van 2014 zal afnemen. Zij hebben wel een positieve omzetverwachting voor het eerste kwartaal van 2014. Per saldo verwacht 6 procent van de ondernemers een omzetstijging, bijna 7 procent denkt de prijzen te verhogen.


Omzetontwikkeling reclamewezen en marktonderzoek

CBS1Statline: Zakelijke dienstverlening; omzetontwikkeling


Uitgesproken faillissementen reclamewezen en marktonderzoek

CBS2Statline: uitgesproken faillissementen


Verwachtingen reclamewezen en marktonderzoek

CBS3Statline: Conjuntuurenquête Nederland

Bron: CBS Kwartaalmonitor Zakelijke dienstverlening, vierde kwartaal 2013

Meer MOA


Kennispartners van Daily Data Bytes

MOA is een

CRKBO Instelling CMYK

Contact

MOA, Expertise Center voor Marketing-insights, Onderzoek & Analytics

VIDA-gebouw
Kabelweg 57, 2e verdieping
1014 BA Amsterdam
+31 20 5810710
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.